Laos (juli 2002)
Toen we in Bangkok een visum aanvraag deden voor een visum voor Laos, werd ons de vraag gesteld voor hoelang we een visum wilden. Er werd ons sterk aangeraden om slechts voor 2 weken te gaan. Laos zou zeer primitief zijn en er zou weinig tot niets te doen zijn. We hebben ons laten overtuigen, maar hebben daar nog steeds spijt van.
Inderdaad, Laos is primitief, maar wel op een manier die ons erg aantrekt. De mensen leven op het ritme van het daglicht. ‘s Ochtend vroeg op en bij zonsondergang is het helemaal stil op straat. De kippen, geiten en varkens scharrelen op hun gemakkie het hele dorp rond en hebben zo een goed leven. We hebben prachtige herinneringen aan de “terrasjes” langs de Mekong, nippend aan ons Beer Lao en uitkijkend over de prachtige Mekong.
Luang Prabang is een leuk stadje, waar je de invloeden van de Franse overheersing nog terugvindt in de gebouwen en winkels. De straten ruiken ‘s ochtend naar de verse croissantjes en stokbroden die je kunt besmeren met “Le Vache qui Rie” smeerkaas.
En dan Vang Vien; het is de hoofdstad, maar het leek toen wij er waren meer op een uit de hand gelopen dorp. Weinig bestrating, lichtelijk chaotisch, maar toch niet zo overheersend druk. Uiteraard Pha That Luang bezocht het belangrijkste monument van Vientiane.
Van Zuid-Oost Azië hebben we, vinden wij, wel genoeg zien, maar Laos: daar hebben we altijd een zwak voor gehouden.
Ons maatje op de slowboat van Thailand naar Laos....
Pha That Luang, het belangrijkste monument in Vientiane 
In Luang Prabang langs de Mekong een Beer Lao drinken....met dit prachtige uitzicht
Lokale whiskey met slangen en veranen

Geen opmerkingen:
Een reactie posten